Mantelzorg op de werkvloer

Als voormalig HR Manager weet ik dat veel bedrijven een protocol hebben voor rouw op de werkvloer. Een protocol voor mantelzorg op de werkvloer ontbreekt echter nog (te) vaak. Ik heb dat zelf als mantelzorgende werknemer (en tevens HR Manager) ook ondervonden.

Pas toen ik er zelf mee te maken kreeg, realiseerde ik mij dat deze belangrijke pijler ontbrak in ons HR-beleid. En dat is eigenlijk best een groot gemis, aangezien op dit moment al 1 op de 6 werknemers buiten zijn of haar betaalde baan zorgt voor partner, ouders, schoonouders, een kind, een familielid of een bekende. En dat aantal zal de komende jaren alleen maar groeien.

Veel mantelzorgers slagen er redelijk goed in om dit naast hun werk te doen, maar dat geldt zeker niet voor iedereen. Uit onderzoek van de Stichting Werk & Mantelzorg blijkt dat het percentage mantelzorgers dat werk en mantelzorg slecht kan combineren van 4% in 2012 is gestegen naar 15% in 2017. Als de combinatie werk en mantelzorg (te) zwaar is, bestaat het risico dat de werkende mantelzorger overbelast raakt en daardoor langdurig uitvalt.

Toch is mantelzorg vaak nog een moeilijk onderwerp op de werkvloer. Werkgevers en collega’s vinden nog te vaak dat dit bij de privésituatie hoort. En er zijn nog altijd taboes en vooroordelen, zelfs als de werkgever open staat voor het bedenken van goede oplossingen.

Mijn eigen ervaring, als mantelzorger en HR Manager, heeft mij geleerd dat het belangrijk is om als werkgever een beleid te ontwikkelen dat een raamwerk biedt voor mantelzorg. Zelfs al zal de uiteindelijke invulling hiervan over het algemeen voor iedere individuele medewerker afzonderlijk om maatwerk vragen. De ene werknemer zal al gebaat zijn bij de wettelijke regelingen voor kortdurend en/of langdurend zorgverlof, terwijl de andere werknemer wellicht meer baat heeft bij de flexibiliteit om thuis te kunnen werken of om uren anders in te kunnen delen. Sommige situaties vragen om een combinatie hiervan, of om een andere creatieve oplossing waar werkgever en werknemer beiden bij gebaat zijn.

Openheid en eerlijkheid over wensen, mogelijkheden en onmogelijkheden van zowel werkgever als werknemer is essentieel om samen tot een goede, werkbare, oplossing te kunnen komen. Een mantelzorgende werknemer vraagt immers lang niet altijd om meer vrije dagen. Hij of zij wil over het algemeen graag kunnen blijven werken en zoekt graag actief mee naar mogelijkheden om dit zo goed mogelijk te kunnen blijven doen. Werkgever en werknemer hebben beiden baat bij goede afspraken over mantelzorg op de werkvloer. Afspraken die duidelijkheid en houvast bieden aan alle betrokken, ook aan collega’s die mogelijk werkzaamheden over moeten nemen.

Ik heb dit zoals gezegd zelf ondervonden toen mijn echtgenoot in december 2016 een herseninfarct kreeg. Van de ene op de andere dag was ook ik een mantelzorgende werknemer. Van de ene op de andere dag worstelde ook ik met de combinatie van werk en zorg. De balans tussen werk en privé was in één klap een disbalans geworden. Gelukkig trof ik veel begrip en flexibiliteit bij mijn werkgever en konden wij in onderling overleg goede afspraken maken.

Helaas heeft dat niet kunnen voorkomen dat ik op een gegeven moment toch overbelast raakte waardoor ik tijdelijk minder uren moest gaan werken. Het was niet zo zeer de mantelzorg op zich die de combinatie met werken zwaar maakte. Het was vooral het brede scala aan emoties als angst, verdriet, rouw en verlies waar ik mee worstelde.

Ben jij ook een werkende mantelzorger die moeite heeft om alle ballen hoog te houden en de balans tussen werk, privé en mantelzorg in evenwicht te houden? Worstel je met emoties van verlies, rouw en verdriet? En wil je hier met iemand over praten? Neem dan eens vrijblijvend contact op met de verliescoach om de mogelijkheden van een coachingstraject te onderzoeken. Ben je werkgever en heb je een mantelzorgende werknemer die vast dreigt te lopen? Ook dan nodig ik je uit om vrijblijvend contact op te nemen met de verliescoach om de mogelijkheden van een coachingstraject te bespreken.

Verlies en rouw reizen hand in hand

Rouw wordt vaak onlosmakelijk gekoppeld aan het verlies van een dierbare en we vergeten daarbij vaak dat rouw eigenlijk net zo veel gezichten heeft als verlies. Rouwen doen we immers bij elke vorm van verlies. Niet alleen bij het overlijden van een geliefde, een ouder, een kind of een andere dierbare, maar ook bij het verlies van werk, van gezondheid, het einde van een huwelijk of relatie, het einde van een vriendschap, het overlijden van een huisdier. Rouw is van alle tijden en van alle leeftijden. Alleen de manier waarop we met ons verlies en onze rouw omgaan, verandert naarmate we ouder worden of meer verlieservaring opdoen.

Rouw, verlies en doorgaan met leven zijn nauw met elkaar verweven

De afgelopen 50 jaar is er veel veranderd in het denken over verlies en rouw. Elisabeth Kübler-Ross maakte als één van de eersten de dood bespreekbaar. De door haar beschreven 5 fasen van rouw (ontkennen, woede, onderhandelen, depressie, aanvaarden) zijn nog steeds verplichte kost in veel opleidingen. De werkelijkheid is echter vaak veel weerbarstiger. Rouwen is immers een persoonlijk, individueel en uniek proces dat niet via een vast stramien verloopt.

Zoals iedereen leerde ook ik dat niet ieder verlies hetzelfde rouwproces kende. Toen mijn oma overleed, was ik alleen maar heel erg verdrietig. Ik kon en wilde niet geloven dat ik haar nooit meer zou zien. Maar na het herseninfarct van mijn echtgenoot werd ik steeds opnieuw heen en weer geslingerd tussen doorgaan met leven, de draad weer oppakken en stilstaan bij wat er gebeurd was.  Pas later, toen ik de opleiding tot rouw- en verliescoach ging doen, leerde ik dat dit rouwmodel beschreven wordt als het duale procesmodel van Stroebe en Schut.

Dit model beschrijft een slingerbeweging waarbij de aandacht de ene keer gericht is op het verlies en de andere keer vooral gaat naar verder gaan met je leven en de draad weer oppakken. De slinger beweegt met andere woorden van verliesgericht naar herstelgericht. De verliesgerichte slinger staat voor bezig zijn met het verlies, herinneringen ophalen en erover praten, verlangen en missen, je verdriet toelaten en emoties voelen. De herstelgerichte slinger staat voor verder gaan, je leven herinrichten, een nieuw evenwicht vinden, zorgen voor afleiding, bezig zijn en dingen ondernemen.

Opnieuw de balans vinden

Iedereen die te maken krijgt met verlies, in welke vorm dan ook, komt ongewild in onrustig vaarwater terecht. Het vraagt kracht en energie om in evenwicht te blijven en een balans te vinden tussen bezig zijn met het verlies en doorgaan met leven. Vaak wordt er ook gezegd of gedacht dat het leven ‘gewoon’ door gaat. En hoewel dat feitelijk ook zo is, is het niet verstandig om het verdriet en de pijn na een verlies te ontkennen. Verlies hoort immers bij het leven, net zoals pijn, rouw en verdriet horen bij verlies. Het is niet te voorspellen hoe lang en hoe heftig de pijn zal zijn. Dit hangt niet alleen af van het soort verlies, maar ook van je karakter en je persoonlijke omstandigheden.  Van belang is dat je zelf, in je eigen tempo en op jouw manier, je eigen slingerbeweging vindt. Probeer stil te staan bij je verlies, maar probeer ook zeker afleiding te zoeken. Vaak lukt het prima om zelf een nieuwe balans en een nieuw evenwicht te vinden. Lukt het je zelf niet? Dan kan het slim zijn om hulp te zoeken, bijvoorbeeld bij de verliescoach. Ik kan je de steun kan bieden die je nodig hebt. En ik kan je helpen bij je rouw- en verwerkingsproces. Kijk voor de mogelijkheden op mijn website.